De veulenworm (Strongyloides westeri) komt voornamelijk voor bij veulens jonger dan 6 maanden. In Nederland is ongeveer 60% van de veulens besmet. Bij volwassen paarden is de worm vaak wel aanwezig in een soort 'rust' fase (latent aanwezig) en geeft geen klachten. Net na de geboorte van het veulen wordt deze latente infectie geactiveerd en komen de larfjes via de moedermelk in het veulen.

Levenscyclus

Via de moedermelk krijgt het jonge veulen direct larfjes binnen die zich vrij snel (binnen 10 dagen) ontwikkelen tot volwassen wormen die eitjes produceren. De eitjes worden uitgescheiden met de mest van het veulen. De larfjes uit deze eitjes kunnen vervolgens de huid van het veulen penetreren en zo het jonge dier herinfecteren. De larven trekken via de bloedbaan naar de longen, worden opgehoest en ingeslikt en komen uiteindelijk in de darm terecht waar ze volwassen worden en eitjes produceren die met de mest uitgescheiden worden.

IMG 8595

 

Symptomen

Bij jonge veulens onder één maand leeftijd zijn de symptomen diarree, sufheid, gewichtsverlies en niet meer willen drinken. Andere symptomen die gezien worden zijn jeuk ten gevolge van het binnendringen van de huid door de larfjes en ademhalingsproblemen (hoesten) door de larfjes in de longen. De aanwezigheid van volwassen wormen in de darm kan leiden tot diarree en koliek.